Alternatieven die niet zijn meegenomen in de Startnotitie

In dit onderdeel geven wij in volgorde van de ladder van Verdaas enkele alternatieven die niet of in onvoldoende mate zijn meegenomen of overwogen in de Startnotitie.

2.1 Grootschalig OV en andere maatregelen
Om de toekomstige verkeersproblemen in en rondom Utrecht aan te pakken is het noodzakelijk investeringen in extra (grootschalig) OV mee te nemen in de oplossingsrichting. Hierbij kan naast nieuwe investeringen gedacht worden aan eenvoudiger oplossingen, zoals het verhogen van de frequentie van (lokale) treinverbindingen, bijvoorbeeld 6 in plaats van 2 stoptreinen op de route Vleuten – Utrecht. Tevens kan gedacht worden aan concentratie van kindervoorzieningen bij zwaartepunten OV (opstapplaatsen HOV, stations). Daarnaast zijn de effecten van Park & Ride voorzieningen niet (kenbaar) meegenomen in het onderzoek (zie Ontwikkelingsvisie 2003). Betere mogelijkheden om de stad Utrecht in te komen kan bijdragen om doelen als gesteld in Actieplan Luchtkwaliteit Utrecht te behalen en de druk op de snelwegen door Utrecht te verminderen.

2.2 Spoorverbinding Almere – Utrecht – Breda
De effecten van de verkeersdruk rond Utrecht kan positief beïnvloed worden door een directe spoorverbinding van Breda naar Utrecht. Het overzicht met de verkeersintensiteit zoals gepubliceerd in de Startnotitie geeft aan dat er een hoge verkeersintensiteit op de A27 Almere - Utrecht – Breda is.

2.3 Scheiden verkeersstromen (doorgaand en bestemmingsverkeer)
Net als op de zuidelijke ring van Utrecht (A12) en de verbrede A2 zou een verder scheiding van doorgaand en bestemmingsverkeer mogelijk zijn. Hierbij kan gedacht worden aan het gebruik van het oude A2 tracé voor bestemmingsverkeer. Ook het beter benutten van bijvoorbeeld een overkapte Waterlinieweg zou een mogelijkheid kunnen zijn.

2.4 Opwaardering Letscherweg (bij Strijkviertel – De Meern)
De Letscherweg loopt evenwijdig aan de A2 en de A12. Oorspronkelijk is deze weg bedoeld als bufferweg in geval van calamiteiten op Oudenrijn. Het ontbreken van direct aangrenzende woongebieden en de reeds aanwezige A2 en A12 (bundeling infrastructuur) zijn bij uitstek redenen om opwaardering van deze weg te overwegen om knooppunt Oudenrijn te ontlasten. Deze variant maakt geen onderdeel uit van het vaag getekende zoekgebied, maar zouden wij graag aandragen als alternatief.

2.5 Knooppunt Oudenrijn aanpakken
De Startnotitie geeft nadrukkelijk aan dat knooppunt Oudenrijn grenzen vertoont qua capaciteit. Als Oudenrijn nu al een bottleneck is en dit in de toekomst ook nog zo is, zou het juist voor de hand liggen om Oudenrijn klaar te maken voor de komende tientallen jaren. Ten onrechte wordt Oudenrijn in de Startnotitie als een “gegeven” gezien. Onderzocht moet worden om het raadzaam is in Oudenrijn te investeren en verder de hoogte in te gaan (net als bij het Prins Clausplein). De omgeving van Oudenrijn biedt mogelijkheden tot uitbreiding en bouw in de hoogte. Een uitstekend voorbeeld van dit laatste zou kunnen zijn de verbindingslus A12-A2 (vanuit Woerden naar Amsterdam) te verbeteren. Momenteel is er slechts één baan die de zuidelijke kant van de A12 met de A2 (noordelijke richting) verbindt. Een hoge fly-over met hogere capaciteit zou de aansluiting en doorstroming flink kunnen verbeteren. Op basis van een verdere analyse van de overige knooppunten kan verder gekeken worden of het probleem ligt bij de capaciteit van de rijbanen of bij de inrichting en daarmee de capaciteit van de knooppunten en daarmee verbonden weefvlakken.

2.6 Basis Ring Utrecht door opwaarderen NRU
In de huidige Startnotitie wordt het opwaarderen van de NRU vrijwel direct verbonden aan het doortrekken van de A2 met de A12 zonder een gedegen onderbouwing. In het alternatief ‘verbreden’ wordt uitgegaan van het opwaarderen van de NRU tot snelweg. In het kader van het creëren van een betrouwbare doorstroming en het creëren van een basis ring rond Utrecht is deze gedachte te volgen, omdat de infrastructuur grotendeels aanwezig is. De inrichting van deze weg verdient zorgvuldige aandacht gezien de bestaande infrastructurele verbinding dichtbevolkte omgevingen doorkruist. Het opwaarderen van de NRU is ook de meest eenvoudige manier om een echte (cirkelvormige) ring te creëren, zónder een snelweg door Leidsche Rijn.

Voor calamiteiten kan de NRU een alternatief bieden voor problemen op de Utrechtse Ring, ook zal de NRU een deel van de verkeersdruk op de A12 ten Zuiden van Utrecht op zich nemen. Op basis van oplossingen in het kader van mobiliteitsmanagement kan een spreiding van het verkeer op de NRU en de A12 ten Zuiden van Utrecht verkregen worden. Door in uitvoering zijnde verbreding van de A2 tussen Oudenrijn en de NRU is er ook geen behoefte aan extra rijstroken in de Noord-Zuid richting ten westen van Utrecht. De redenering in de Startnotitie dat het verkeer tussen A12 enerzijds en A2/A27/A28 anderzijds dan een alternatief via de noordelijke ring heeft, rechtvaardigt geen volledig nieuwe infrastructuur in Leidsche Rijn.

2.7 Dubbellaags Amelisweerd
De Startnotitie maakt melding van de beperkingen van de bak bij Amelisweerd als het gaat om verbreding. Wij stellen voor om de mogelijkheden te bekijken voor dubbellaagse verkeersstromen. Op deze manier hoeft het gebied Amelisweerd niet verder aangesproken te worden en biedt dubbellaags verkeer eveneens de gelegenheid om doorgaand en afslaand verkeer te scheiden.

Zijn de mogelijkheden tot het ondertunnelen van de verbinding A12 – A28 onder Amelisweerd door, meegenomen in de totstandkoming van de Startnotitie?

2.8 Dubbellaags A2
Door de huidige ondertunneling van de A2 met verkeersmogelijkheden voor gevaarlijke stoffen is bebouwing van het gebied boven de A2 beperkt. Voor regionale en lokale verkeersstromen kan het gebied boven de ondertunneling ruimte geven. Een dubbellaagse verkeersstroom zou een oplossing kunnen zijn.

2.9 Bundelen infrastructuur (spoorverbinding Woerden/Harmelen-Breukelen)
In de ladder van Verdaas is bundeling van infrastructuur te prefereren boven aanleg van nieuwe infrastructuur. Het spoortracé Woerden/Harmelen – Amsterdam biedt mogelijkheden om het bestaande spoortracé te bundelen met een doorgaande (snel)weg.



 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2.10 De A 2½
Hoe kan het dat de volledige A2½ van tafel is en nu een weg dwars door Vleuterweide / Leidsche Rijn wel een oplossing zou gaan bieden voor potentiële verkeersproblemen? Het project A2½ dat veel minder leefbaarheidsproblemen met zich brengt, verdient een nieuwe kans, wellicht zonder de doortrekking naar de A27. De impact op een dichtbevolkt woongebied kan hierdoor sterk verminderd worden. Waarom wordt het doortrekken van de NRU niet vergeleken met de A2½ in het MER of worden beide opties niet naast elkaar gezet in doorrekening van verkeersmodellen? De belangen van het Groene Hart zijn evident, maar het kan niet zo zijn dat deze belangen zodanig wegen dat dan maar een (snel)weg door een woonwijk wordt overwogen! De notitie maakt overigens niet duidelijk welk probleem opgelost wordt door een verbinding te maken tussen de A2 en de A12 en een dergelijk ingrijpende oplossing kan rechtvaardigen.

2.11 Geboorde tunnel A12-A27
Uitbreiding van de bak bij Amelisweerd wordt als complex gezien zowel om technische redenen als omwille van het natuurgebied aldaar. Het boren van een tunnel om de A12 met de A27 te verbinden kan de inpassing verbeteren. Het boren van het een tunnel in een natuurlijk gebied heeft ook minder risico’s dan het plaatsen van een tunnel in dichtbevolkt gebied (scheuren van huizen), effect op ondergrondse energieverbindingen (inclusief gasleiding).

2.12 Verbinding A15-A18 met gedeeltelijk geboorde tunnel
Een deel van de verkeersdruk op de A12 ten Zuiden van Utrecht ontstaat door verkeer van de Rotterdamse haven naar Duitsland. Momenteel is de A15 geen volwaardig alternatief doordat de verbinding naar Duitsland ontbreekt. Door een verbinding van de A15 naar de A18 te maken, wordt dit een volwaardige achterland verbinding voor Rotterdam. Deels is het mogelijk om infrastructuur te bundelen met de Betuwe-spoorlijn. Gezien het bijzondere karakter van de Betuwe zal inpassing deels door geboorde tunnels noodzakelijk zijn. Met name de verbinding van het Pannerdens Kanaal naar knooppunt Oud Dijk (A12-A18) verdient aandacht om natuur en bestaande woonkernen te ontzien, bij strikte bundeling van infrastructuur kan dit onevenredige effecten hebben voor Zevenaar.

2.13 Rondweg buiten Utrecht / Nieuwegein / Maarssen
De Startnotitie beoogt extreme varianten op tafel te leggen, toch gaan alle varianten ervan uit om verkeer door Utrecht (inclusief De Meern en Vleuten) / Nieuwegein / Maarssen heen te leiden. Er zijn geen alternatieven getoond om het doorgaande verkeer ruimer om de dichtbevolkte kernen Utrecht, Nieuwegein en Maarssen heen te leiden. Hiermee wordt een ruime rondweg of buitenring gecreëerd. Deze variant kan mogelijk verkeers- en milieuproblemen op de lange termijn het beste oplossen door een betere spreiding. Bovendien leidt een ruime rondweg ertoe dat er niet nog meer ruimtebeslag voor infrastructuur en nog meer aanslag op de leefkwaliteit in de gemeente Utrecht en directe omgeving plaatsvindt. Volgens het CBS (bodemstatistiek 2000) heeft de gemeente Utrecht namelijk al het hoogste percentage (>13%) ruimtebeslag voor infrastructuur van Nederland.

2.14 Ruimer zoekgebied
Zoals reeds aangegeven is de Startnotitie erg vaag over het precieze zoekgebied van een (snel)weg door Vleuterweide / Leidsche Rijn. Het lijkt erop dat een weg ruim om Vleuterweide heen geen optie is. Een (snel)weg ruim om Vleuterweide heen leidt wellicht tot een iets langer tracé, maar voorkomt de enorme impact op een jonge woonwijk en leidt mogelijk tot minder hoge kosten omdat ondertunneling niet nodig is. Wij stellen voor het zoekgebied op te rekken tot minimaal de denkbeeldige lijn Breukelen-Woerden. De notitie maakt overigens niet duidelijk welk probleem opgelost wordt door een verbinding te maken tussen de A2 en de A12 en een dergelijk ingrijpende oplossing kan rechtvaardigen.

2.15 Overige vragen
Hebt u ook andere hoofdalternatieven geanalyseerd om te komen tot de gekozen alternatieven? Welke alternatieven zijn dit en op basis van welke criteria bent u gekomen tot de genoemde hoofdalternatieven?
Wat zijn de tot nu toe opgekomen mogelijkheden voor een weg in het “zoekgebied nieuwe verbinding” in de verschillende alternatieven?